‘VVE-indicatie vergroot de kloof tussen kinderen’?

Datum | 1 maart 2017
Categorie | Actueel Archief Publicaties

Het aantal kinderen op voorscholen is toegenomen. Goed nieuws? Nee, zegt columniste Aleid Truijens in de Volkskrant. ‘De goedbedoelde ‘indicatie’ vergroot de segregatie en de kloof alleen maar.’

Een verbazingwekkende veronderstelling. Het aantal wetenschappelijke rapporten dat de toegevoegde waarde van VVE programma’s onderschrijft is overweldigend. Het SER advies ‘Goed van start’ (12 januari jl.) beoogde aan deze discussie definitief een eind te maken maar feiten en meningen lopen nogal eens uit elkaar.

Als we stoppen met indiceringen en extra aandacht voor achterstanden, ontstaat er juist een grotere kloof tussen kinderen. De consequentie is immers dat achterstanden niet worden geadresseerd en kinderen die nu net wel in het regulier onderwijs kunnen blijven, in het speciaal onderwijs belanden. Door de VVE programma’s in de voorschool krijgen scholen een homogene instroom hetgeen alleen maar ten goede komt aan kinderen.

In de praktische uitvoering is de stelling ook moeilijk niet te handhaven. Veel peuterspeelzalen hebben voor en/of na de harmonisatie naar de wet Kinderopvang één soort dagprogramma. Dat betekent dat iedereen het dagprogramma op VVE niveau krijgt. Wel en niet VVE-geïndiceerde kinderen zitten gewoon in één groep. Hoezo segregatie? Aan de ‘achterkant’ geldt een administratief verschil omdat er verschillende geldstromen zijn maar voor de kinderen is er geen onderscheid.

Vanwege bewezen meerwaarde van deze programma’s komen er vanuit de overheid de komende jaren meer middelen beschikbaar om de kwaliteit verder te verhogen en constructief te werken aan het vergroten van kansen van kinderen. Deze ontwikkeling is erg toe te juichen.  De genoemde column creëert onjuiste beeldvorming ten aanzien van een onderwerp waar we als samenleving eindelijk iets hebben bereikt voor de kansen van kinderen.